Waarom maakt fietsen gezonder en gelukkiger?

Zeg eens eerlijk: wat is jouw fietssmoes? Ga je niet fietsen omdat anders je kleren kreuken en het misschien gaat regenen? Omdat je auto anders voor ‘niets’ voor de deur staat? Omdat je sneller op je werk wilt zijn? Omdat … onzin! We geven je zes redenen om vandaag nog de fiets te pakken.

shutterstock_132711494.jpg

Waarschijnlijk heeft iedereen wel eens zo’n soort gesprek gevoerd met een Amerikaan.
“In Nederland worden veel fietsen gestolen.”
“Why? Iedereen hééft toch al een fiets?”

Helemaal waar: de BOVAG en de RAI schatten dat er 22,8 miljoen fietsen zijn in Nederland. Daarmee bezit iedere Nederlander dus 1,3 fiets. Een unicum in de wereld. Een Nederlander fietst gemiddeld 2,9 kilometer per dag. En een kwart van al die fietsritten gaan naar het werk. En die behoefte aan fietsen blijft: in 2018 zijn er een miljoen nieuwe fietsen verkocht. Maar een fiets hebben, is iets anders dan hem gebruiken. Veel Nederlanders laten de fiets staan. Omdat het regent. Omdat je fiets stallen bij het station soms net zoveel tijd kost als het OV. Omdat je denkt dat de auto sneller is. En vooral omdat je net iets te lui bent ‘s ochtends. Jammer! Wij geven je zes redenen om vandaag nog (en daarna élke dag!) de fiets te pakken.

1. Wie fietst, verbrandt vet
Wie met de fiets naar het werk gaat, heeft een lager vetpercentage en BMI dan mensen die de auto pakken. Reden numero één om te fietsen is daarmee duidelijk: fietsen is goed voor je lijn en lijf. Fietsen is een prima manier om op gewicht te blijven en om calorieën te verbranden. Zo verbrand je met fietsen tussen de 350 en 1100 calorieën per uur. Waarschijnlijk ben je niet een uur keihard aan het fietsen. Maar als je alle fietsmomenten per dag bij elkaar optelt, kom je wel snel aan een uur. Bij elke fietstocht, hoe klein ook, word je daarom fitter en gezonder. Door de toename van je spierweefsels gaat de vetverbranding ook na het fietsen door.

Om optimaal vet te verbranden, moet je op een gemiddeld tempo fietsen. Niet te hard dus, want dan verbrand je meer koolhydraten en geen vet. Maar ook niet te langzaam; dan gebeurt er te weinig in je lichaam.

2. Buiten zijn, maakt je gezonder
In de buitenlucht krijg je meer zuurstof binnen en natuurlijk is dat gezond. Je geheugen, huid en longen zijn beter af. Ook krijg je meer vitamine D binnen – wat goed is voor je weerstand, humeur en slaap. Fietsen is daarmee erg goed middel voor het versterken van je immuunsysteem. Niet alleen takel je meer vitamine D naar binnen, ook ontwijk je al die afgesloten ruimtes, zoals een treincoupé, waar ziektemakers zich naar hartenlust vermenigvuldigen.

3. Je doet iets goed voor je medemens
Als je in een stad in je auto achter een hele serie andere auto’s stilstaat, heb je je vast wel eens dit afgevraagd: ‘Wie van deze automobilisten moest echt de auto gebruiken? Wie had bést de fiets kunnen pakken?’ Nu … misschien jijzelf wel! Als je fietst, stoot je geen schadelijke stoffen uit. Hoera voor de planeet! Maar als je fietst, ben je ook niet degene die dat rijtje wachtende auto’s voor stoplicht onterecht nog langer maakt. Hoera, hoera voor jou!

Extra lekker: Wie de fiets pakt, hoeft niet te wachten op de bus, niet te betalen voor de parkeergarage en niet te betalen voor het OV. Fietsen kost misschien spierkracht, daarna levert het je alleen maar vrijheid en een goed gevoel op.

4. Wie fietst, heeft geen kans op blessures
Als je fietst, heb je amper kans op blessures. In tegenstelling tot hardlopen of een teamsport belast je je spieren en gewrichten niet heel sterk. De goede effecten voor je conditie, spierkracht en uithoudingsvermogen, zijn vergelijkbaar.

5. Fietsen vermindert stress
Fietsen, zeker een fietstocht maken in de natuur, is ontspannend. Je hoofd word leeg, je blik verruimd en je voelt je beter. Zeker na een drukke werkdag heeft fietsen dit positieve effect op je mentale weerbaarheid.

6. Fietsen is goed voor je hersenen
Fietsen ook goed voor de hersenen omdat je hart beter moet pompen. Deze hartcontracties zorgt automatisch voor een betere hersenactiviteit. Ook de bloedcirculatie in de hersenen neemt toe: de hersenen krijgen meer zuurstof. Dit zorgt voor helderheid, scherpte en focus.

Bron: Gezondnu.nl – Door José Leeuwenkamp, 21 juni 2019